GOES / DEN HAAG - Het gaat niet goed met de natuur in de Westerschelde en Brussel wil dat Zeeland meer doet aan natuurherstel. Natuurorganisaties pleiten voor nieuwe ontpolderingen, om de Westerschelde én de natuur meer ruimte te geven. De SGP wil echter een nieuwe ontpolderdiscussie, na de Hedwigepolder, uit de weg gaan. Want nuurherstel kan volgens de staatkundig gereformeerden ook door het verondiepen van de vaargeul - stellen lokale en landelijke partijprominenten.
Onlangs berichtte Omroep Zeeland dat de provincie met creatief boekhouden zo'n 300 hectare natuur bij elkaar heeft gesprokkeld om te voldoen aan de natuurherstelopgave. Die natuurherstelopgave ligt er nog steeds en nieuwe natuurdoelen worden momenteel door het ministerie van LVVN opgesteld. Daarbij dreigt een nieuwe ontpolderdiscussie te ontstaan - vreest de SGP.
Ideaalbeeld
Na "de pijnlijke ontpoldering van de Hedwigepolder blijft de dreiging van nieuwe ontpolderingen boven Zeeland hangen", constateert het Reimerswaalse SGP-raadslid Daniël van Iwaarden. "Als vastgehouden wordt aan het ideaalbeeld van een diepe vaargeul en een brede Westerschelde, zou nog een paar duizend hectare landbouwgrond ontpolderd moeten worden. Daar zit de SGP, en daar zit Zeeland niet op te wachten."
Ondiepere vaargeul
Volgens Van Iwaarden is het merkwaardig, dat zonder problemen vergunningen afgegeven worden voor het baggeren en op diepte houden van de vaargeul ten gunste van de haven in Antwerpen - terwijl tegelijkertijd gesteld wordt dat de natuur achteruitgaat door die diepe vaargeul ten opzichte van omliggende slikken. "Waarom moet opnieuw een uitbreidingsdoelstelling vastgesteld worden, terwijl al ontpoldering ten behoeve van deze uitbreiding is gerealiseerd? Vanuit het perspectief van de natuur kan kwaliteitsverbetering ook via het verondiepen van de vaargeul gerealiseerd worden. Ik roep de staatssecretaris op om de uitbreidingsdoelstelling te schrappen."
Zeeuwse bezwaren
De provincie Zeeland heeft eerder al bezwaar aangetekend tegen de uitbreidingsdoelstelling voor het zogeheten habitattype ‘estuaria’. Dat betreft brakwatergebieden met slikken en schorren - kenmerkend voor het getijdengebied (estuarium) van de Westerschelde. Volgens de SGP betekent het plan een nieuwe bedreiging voor landbouwgrond in de regio, terwijl Zeeland volgens Flach al meer dan genoeg heeft gedaan via eerdere maatregelen, zoals de ontpoldering van de Hedwigepolder.
Natura 2000-gebied
De Westerschelde is een beschermd Natura 2000-gebied. Om schade aan natuurwaarden door bijvoorbeeld vaargeulverdieping te compenseren, zijn in het verleden landbouwgronden ontpolderd. De Hedwigepolder, op de grens met Vlaanderen, werd het symbool van deze aanpak. De ontpoldering leidde jarenlang tot politiek en maatschappelijk verzet in Zeeland. Met deze nieuwe Kamervragen is de discussie over natuurcompensatie en landbouwgrond opnieuw actueel.
Dreiging van nieuwe ontpoldering
SGP-Kamerlid André Flach heeft de knuppel in het hoenderhok gegooid in politiek Den Haag. Hij heeft onlangs Kamervragen gesteld over het voornemen van staatssecretaris Jean Rummenie (Landbouw, Voedselzekerheid, Visserij en Natuur) om nieuwe uitbreidingsdoelen vast te stellen voor het natuurgebied de Westerschelde. “Het houdt een keer op,” aldus Flach. Het Kamerlid noemt het “merkwaardig” dat Nederland vergunningen blijft afgeven voor het baggeren van de vaargeul ten behoeve van de Antwerpse haven, terwijl tegelijkertijd gezegd wordt dat diezelfde vaargeul ten koste gaat van de natuur. “Als we vasthouden aan het ideaalbeeld van een diepe vaargeul en een brede Westerschelde, zou nog een paar duizend hectare landbouwgrond moeten verdwijnen. Daar zit niemand op te wachten.”
De SGP’er vraagt zich af waarom überhaupt nog een uitbreidingsdoelstelling nodig is, terwijl eerder al natuurcompensatie plaatsvond. Hij stelt dat het verbeteren van de natuurkwaliteit ook anders kan: “Waarom kijken we niet naar verondieping van de vaargeul of maatregelen buitendijks? Ontpoldering zou niet de standaardoplossing moeten zijn.”
Kamervragen
In de Kamervragen vraagt Flach onder meer of het klopt dat de uitbreidingsdoelstelling vooral bedoeld is om kwaliteitsverbetering te realiseren met behoud van de huidige vaargeuldiepte. Ook wil hij weten of het natuurdoel niet net zo goed gehaald kan worden door de vaargeul minder diep te maken. Daarbij stelt hij kritische vragen over de verhouding tussen economische belangen (zoals de Antwerpse haven) en natuurbescherming, en wijst hij op Europese verplichtingen om bij natuurbesluitvorming rekening te houden met lokale en regionale bijzonderheden.
De SGP wil dat de staatssecretaris duidelijkheid geeft over de inzet in de Vlaams-Nederlandse Scheldecommissie: "Stuurt Nederland daar wel genoeg aan op het voorkomen van nieuwe ontpolderingen?"
'Zeeland heeft z'n deel gedaan'
Volgens Flach is het tijd om een streep te trekken. “Zeeland heeft z'n deel gedaan. Nu is het zaak om keuzes te maken die óók het belang van onze landbouwers, onze dorpen en het landschap respecteren. Ontpoldering is geen neutrale maatregel; het heeft enorme impact op mensen en hun omgeving. Dat mag niet vergeten worden in de Haagse besluitvorming.”